Anas ibn Maalik (radiya l-Laahu 'anhu) zei:

'Ik heb nooit een geur geroken die lekkerder ruikt dan de geur van de Profeet (salla l-Laahu 'alayhi wa-sallam).'

[Saheeh al-Bukharee: 3561 en Saheeh Muslim: 2330]

Djaabir ibn Samoerah (radiya l-Laahu 'anhu) zei:

'Ik bad het middaggebed met de Boodschapper van Allah (salla l-Laahu 'alayhi wa-sallam). Daarna ging hij naar zijn gezin en ik ging met hem mee. Toen kwam een aantal kinderen hem tegemoet, waarna hij over de wangen van eenieder van hen begon te aaien. Hij aaide ook over mijn wangen en ik voelde dat zijn hand koel was of ik rook een lekkere geur van zijn hand alsof hij deze net uit de zak van een parfumeur had gehaald.'

[Saheeh Muslim: 2329]

Aboe Djoehayfah (radiya l-Laahu 'anhu) zei:

'Ik nam de hand van de Boodschapper van Allaah (salla l-Laahu 'alayhi wa-sallam) en plaatste deze op mijn gezicht. Ik merkte dat deze kouder was dan sneeuw en lekkerder rook dan muskus.'

[Saheeh al-Bukharee: 3553]

Anas ibn Maalik (radiya l-Laahu 'anhu) zei over de Profeet (salla l-Laahu 'alayhi wa-sallam):

'Zijn zweetdruppels waren als parels.'

[Saheeh Muslim: 2330]

Anas ibn Maalik (radiya l-Laahu 'anhu) zei:

'De Profeet (salla l-Laahu 'alayhi wa-sallam) kwam bij ons thuis en deed een middagdutje, waarna hij begon te zweten. Toen kwam mijn moeder met een fles en begon het zweet van zijn lichaam te vegen en in de fles te doen. De Profeet (salla l-Laahu 'alayhi wa-sallam) werd wakker en zei: 'O Oemm Soelaym, wat ben je aan het doen?' Zij antwoordde: 'Dit is jouw zweet dat wij met onze parfum mengen. Het is het lekkerste parfum.'

[Saheeh Muslim: 2331]