Het vieren van al-Mawlid an-Nabawiey [1]

Zijne eminentie sheikh Abdoel ‘Aziz ibn Baaz (moge Allah hem genadig zijn) heeft gezegd: Alle lof zij Allah. Vrede en zegeningen zij met Zijn boodschapper, met zijn familie, zijn metgezellen en wie zich laat leiden door hun leiding.

Vervolgens dit: Herhaaldelijk wordt door velen de vraag gesteld over de islamitische visie op het vieren van al-Mawlid an-Nabawiy, het opstaan voor hem tijdens de viering, hem groeten en andere zaken die worden gedaan tijdens de viering van al-Mawlid.

Het antwoord: Het is niet toegestaan om al-Mawlid an-Nabawie of de verjaardag van anderen te vieren. Omdat dit een innovatie (bid'ah) is, die is toegevoegd aan het geloof. Immers, de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem), zijn rechtgeleide khaliefen en de andere metgezellen (moge Allah tevreden met hen zijn) en hun volgers op het pad van leiding tijdens de begunstigde eeuwen, hebben dit niet gevierd, terwijl zij meer kennis over de Soennah hebben, de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) meer liefhebben en zijn wetgeving nauwkeuriger volgden dan de mensen na hen.

In een authentieke overlevering zegt de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) dan ook: “Wie aan deze zaak van ons iets toevoegt wat er niet bij hoort; dat zal niet geaccepteerd worden.”

En hij (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) zegt in een andere overlevering: “Volg mijn Soennah en de soennah van de rechtgeleide khaliefen na mij: grijp het vast en bijt erop met jullie kiezen. En o wee voor toegevoegde zaken. Immers, elke toevoeging is een bid'ah (innovatie in het geloof) en elke bid'ah is een dwaling.”

In deze twee overleveringen is een gevaarlijke waarschuwing voor het toevoegen van bid'ah aan het geloof, en hiernaar te handelen.

Allah de Verhevene zegt in Zijn Duidelijke Boek: “En wat de boodschapper jullie geeft, neemt dat. En wat hij jullie verbiedt, onthoudt jullie daarvan.”

En Hij de Verhevene heeft gezegd: “Laat degenen die ongehoorzaam zijn aan zijn bevel opletten dat een fitnah hen treft of een pijnlijke bestraffing”

En de Verhevene heeft ook gezegd: “Voorwaar, in de boodschapper van Allah is voor jullie een goed voorbeeld: voor wie op Allah en het Hiernamaals hoopt, en voor wie Allah veelvuldig gedenkt.”

En Hij de Verhevene heeft gezegd: “De eerste voorgaande (moslims) van de moehaajirien en de ansaar en degenen die hen volgden in goede daden: Allah is tevreden over hen en zij zijn tevreden over Hem. Hij heeft voor hen Tuinen bereid waar onder door de rivieren stromen, zij zijn daarin eeuwig levenden. Dat is de geweldige overwinning.”

En Hij de Verhevene heeft gezegd: “Vandaag heb Ik jullie godsdienst voor jullie vervolmaakt en heb Ik Mijn Gunst voor jullie volledig gemaakt en heb Ik de Islaam voor jullie als godsdienst gekozen.”

Er zijn vele verzen met deze betekenis. Uit het innoveren van al-Mawlid volgt de implicatie dat Allah de Verhevene deze godsdienst niet heeft vervolmaakt voor deze oemmah en dat de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) niet alles aan de oemmah heeft overgeleverd waarnaar zij moet handelen. “En dat het geloof pas compleet is geworden” nadat deze latere generaties zijn gekomen en aan het geloof van Allah zaken hebben toegevoegd waar Allah geen toestemming voor heeft gegeven. Zij beweren dat dit iets is wat hen nader tot Allah brengt. Deze mensen bevinden zich ongetwijfeld in een groot gevaar, omdat zij (indirect) bezwaar tekenen tegen Allah de Verhevene en tegen Zijn boodschapper (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem). Terwijl Allah de Verhevene de godsdienst voor Zijn dienaren vervolmaakt heeft en Zijn Gunst volledig heeft gemaakt. En de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) heeft de duidelijke verkondiging gebracht. Hij heeft daarom geen weg gelaten die leidt naar het Paradijs en verwijdert van het Vuur, of hij heeft die duidelijk gemaakt voor de oemmah. Daarom zegt hij (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) in de authentieke h'adieth die overgeleverd is door ‘Abdoellaah ibn ‘Amr, dat de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) heeft gezegd: “Elke profeet die Allah heeft gestuurd had de verplichting om zijn oemmah te duiden op het goede dat hij voor hen weet en hen te waarschuwen voor het kwade dat hij voor hen weet.” (Moeslim)

Het is verder bekend dat onze boodschapper (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) de beste der boodschappers is en hun laatste. Hij heeft beter dan wie dan ook het geloof overgebracht en verduidelijkt. Dus als het vieren van al-Mawlid an-Nabawiy iets was waar wij de Tevredenheid van Allah mee zouden krijgen, dan had de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) dit zeker verduidelijkt aan de oemmah, of dan had hij dat zelf gevierd tijdens zijn leven, of zijn metgezellen (moge Allah tevreden met hem zijn) zouden dit hebben gedaan.

…Daarom weten wij dat dit niet hoort bij het geloof en dat het een toegevoegde innovatie is. Daarbij komt nog dat het een imitatie van de lieden van het Schrift is – de joden en de christenen – in hun feesten.

Echter, aangezien niets van dit is voorgekomen, kunnen we met zekerheid stellen dat deze viering niet tot de Islaam behoort. Sterker nog, het behoort tot de toevoegingen aan het geloof waarvoor de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) zijn oemmah heeft gewaarschuwd in de twee voorgaande ah'aadieth…

Uit voorgaande blijkt dus duidelijk voor eenieder met gezond verstand en voor eenieder die streeft naar de waarheid en rechtvaardig is, dat het vieren van de Mawlid An-Nabawiy niet hoort bij het islamitische geloof.

Sterker nog, het is een toegevoegde bid'a, waar Allah en de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem) voor gewaarschuwd hebben…



_________________
[1] De geboorte van de profeet (Allah's vrede en zegeningen zijn met hem)

(Samengevat uit: Majmoe' al-Fataawa wa Maqaalaat Moetanawwi'ah 1/183)

Vertaald uit het Arabisch. Bron: al-Bida', wal moeh'dathaat, wa ma laa asla lahoe. [Verzameling fatwa's van sheikh ‘Abdel ‘Aziz ibn Baaz (moge Allah hem genadig zijn), sheikh Mohammad ibn Saalih' al-‘Oethaymeen (moge Allah hem genadig zijn), Saalih' al-Fawzaan en ‘Abdoellaah ibn Abderrah'maan ibn Djibrien.]